Pompoensoep op onafhankelijkheidsdag

Een kleine tweeduizend jaar na de mislukte slavenopstand (73 tot 71 v.Chr.) onder leiding van Spartacus in het Romeinse rijk. Lukt het een andere groep tot slaaf gemaakten wél, om als één van de weinige in de wereldgeschiedenis met succes het juk van de kolonisator af te werpen en na een bloedige strijd (1791-1804), blijvend de onafhankelijk uit te roepen op 1 januari 1804. Als symbool voor deze overwinning en de herwonnen vrijheid wordt op deze dag een soep gegeten die ten tijde van de kolonisatie alleen voorbehouden was aan de witte plantage klasse.  

Een stevige geschiedenis 

Joumou soep is een heerlijke aromatische maaltijdsoep met een stevige geschiedenis. De soep met pompoen als basis, wordt op smaak gebracht met runderbouillon en gevuld met rundvlees, aardappel, wortel, kool, vermicelli en diverse kruiden en specerijen. Joumou is het creoolse woord voor pompoen en afkomstig van het Franse woord giraumon (tulbandpompoen)  

De Franse wortels van het woord zijn niet toevallig. Tot aan de onafhankelijkheidsverklaring begin 19de eeuw maakte Saint-Dominque (Haïti) – het westelijke deel van het eiland Hispaniola – deel uit van het Franse koloniale rijk. Dit was een Caribische kolonie met grote suikerrietplantages, waarop duizenden tot slaaf gemaakten onder een bruut regime, dag in dag uit, hun leven moesten geven voor de Europese zoetekauw en om de Franse schatkist te spekken. De leefomstandigheden waren net als op veel andere plantages in die tijd, onbeschrijfelijk slecht.  

Het bloedhete klimaat en de regelmatige uitbraak van gele koorts zorgde ervoor dat vijftig procent van de tot slaaf gemaakte Afrikanen stierven in het eerste jaar na hun aankomst in Saint- Dominque. Dit deed de slavenhouders besluiten om zoveel mogelijk werk uit ze te persen, met een minimale voedselvoorziening om de kosten te drukken. Wánt, een groot deel van de slaven zou immers toch sterven aan de koorts. 

Waar de witte klasse kon koken, of beter gezegd voor zich liet koken, met importgoederen en alles wat het land opbracht, moesten de tot slaaf gemaakten het doen met de restanten. De complete joumou soep zou voor 1804 nooit gegeten worden door een slaaf. Dit eten was niet voor hen bestemd, te rijk, te voedzaam, te smakelijk.  

Vrijheidssymbool 

Het ongenoegen van de voormalige lijfeigenen op het eiland komt tot uitbarsting op 21 augustus 1791. De ruim twaalf jaar durende onafhankelijkheidsstrijd, die uitmondt in een oorlog, waar ook Groot-Brittannië en Spanje zich mee gaan bemoeien was bijzonder bloedig en heeft aan grofweg driehonderdduizend mensen het leven gekost. 

Als een teken van overvloed, die de zwarte Haïtianen eeuwenlang ontzegd was, eigenden de vrijgemaakte bevolking zich de soep toe, als ultiem symbool van vrijheid. Helaas is deze vrijheid en onafhankelijkheid in de twee daaropvolgende eeuwen ernstig beperkt. De koloniale machten hebben hun uiterste best gedaan om de nieuwe staat niet tot wasdom te laten komen, door het land onder sancties te plaatsen en reparatiegelden te laten betalen.  

Daar komt bovenop dat Haïti in de 20ste eeuw te lijden heeft gehad onder een reeks dictators die de belangen van het volk en de voedselvoorziening grote schade hebben toegebracht. Dankzij deze instabiliteit heeft het Haïtiaanse volk en de staat zich nooit goed kunnen ontwikkelen en is het verworden tot één van de armste, door aardbevingen geteisterde (2010), landen op deze planeet. Desalniettemin blijft de onafhankelijkheidsstrijd een prestatie van formaat en om dit te vieren en uitdrukking te geven aan deze trots, is de rijk gevulde pompoensoep een treffend symbool.   

 

Verder lezen, kijken en luisteren: 

  • Dubois – Avengers of the new world, 2005 (boek) 
  • Black Spartacus: The Epic Life of Toussaint L’ouverture, 2020 (boek) 
  • Steckley – Why ‘race’ matters in the struggle for food sovereignty: experiences from Haiti, Geoforum, 2016. (journal artikel)